Op mijn blog van vorige week kreeg ik een enkele zure reactie over het tunnelverhaal van Hugo. Zoals de meeste lezers wel weten, probeer ik vaak juist een beetje prikkelend te schrijven. Ik weet niet of het er mee te maken heeft, maar deze week werd ik door mijn goede vriend en buurman Jan gebeld met de volgende mededeling: “Louis, 1954 is aan de beurt. Afspraak maken man”. En dat heb ik gedaan. Digitaal is dat een fluitje van een cent. Volgende week maandag krijg ik mijn eerste prik.
Fietsendragen moet je leren
Vorig jaar hebben we een fietsendrager gekocht om onze e-bikes met de auto mee te kunnen nemen. We hadden al twee fietsendragers op de caravan. Eén voor en één achter. Maar zo’n fietsendrager voor de auto is toch weer anders. We hadden voor goede kwaliteit gekozen want het moet makkelijk werken.
Vorig jaar hebben we hem nauwelijks gebruikt.

Maar dit jaar is het de bedoeling om hem te gebruiken als we naar de caravan gaan en weer terug. Zo kunnen we de fietsen zowel in Zeeland als thuis gebruiken. De caravan staat deze zomer namelijk op een vaste plaats in Zeeland.
Dinsdagochtend was het zover. Het ding op de kogel gezet en uitgeklapt. De fietsendrager kan op slot gezet worden zodat hij niet los kan schieten of gestolen kan worden. Aan mijn autosleutelbos zitten twee kleine sleuteltjes. Die bleken na enig proberen niet de juiste te zijn. Waar was het sleuteltje van de fietsendrager ook al weer??? Aan de huissleutelbos zit ook een klein sleuteltje. Ook niet goed. Denk, denk, denk. Marleen, waar zou dat rotte sleuteltje kunnen zijn? Marleen in een sleutelbakje in mijn werkkamer gezocht. Gelukkig, dat was hem. Nu ging het echt beginnen.
Eerst de fiets van Marleen erop. Dan de klem waarmee de fiets vastgezet wordt, op slot zetten, met hetzelfde sleuteltje. Dat was vorig jaar ook al tobben, nu weer. Gedoe met een sleuteltje dat niet in het slot wil, een beetje links, een beetje rechts draaien. Gelukt, na enig proberen. Dan mijn fiets er op. Ik had met Marleen afgesproken dat zij mijn fiets aan de voorkant optilt en ik achter. Vorig jaar zat ze steeds onder de smeer van de derailleur of de ketting. Maar bij het vastzetten van de wielen kwam ze met haar felroze jack toch weer tegen de derailleur. Vieze smeervlek op haar jack. Even schelden op die rotfiets van mij. Maar ja, toch een beetje eigen schuld. Daarna ook mijn fiets vergrendeling.
Echter, de stang waarmee mijn fiets vastgezet moet worden, was naar beneden gezakt en kon niet omhoog gedraaid worden zonder de fietsen er weer af te halen. Er begonnen zich zweetdruppels op mijn hoofd te vormen en ook lelijke woorden naar mijn mond te borrelen. Opnieuw de fietsen erop, vastzetten, met dat vermaledijde sleuteltje, vergrendelen en klaar.
Helaas, ik had eerst de stroomkabel moeten inpluggen. Nu moest ik op mijn rug gaan liggen om er bij te kunnen. Maar met mijn lenige, slanke lijf lukte dat wonderwel. Nu dus echt klaar.
Tot mijn schrik stelde ik vast dat de kentekenplaat er niet op zat. Waar was dat ding ook al weer. Juist! In de kofferbak onder de vloerplaat.

Fietsendrager losgemaakt van de kogel en een beetje naar achteren gekanteld. Kofferbak kon een beetje open, maar niet voldoende om de vloerplaat op te tillen. Helaas, de fietsen moesten er weer af. Na het bevestigen van de kentekenplaat werd het hele ritueel nogmaals herhaald. Positief was dat het een goede oefening was voor de volgende keer. Nadeel was dat we veel later vertrokken dan gepland en een vlek op de knalroze jack van Marleen.
Gelukkig waren er geen toeschouwers voor zover ik kon zien.





